Posts tonen met het label Pakistan. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Pakistan. Alle posts tonen

maandag 14 november 2011

Ontkomen aan het script van je cultuur

Ouders en pubers botsen. Dat is een feit gelijk aan een natuurwet. Je wilt je eigen leven, zonder hun bemoeienis, leiden. Klinkt bekend hmm??  Maar hoe zet je je af als er een hele familie met een hele culturele traditie tegenover je staat?
Zoektocht
‘Als je het oude script zomaar weggooit, zul je veel tijd kwijt zijn aan het schrijven van een nieuw. Dat je iets aanpast, dat kan ik begrijpen. […] Het huwelijk is slechts een van de vele onderdelen van dat script, Saira.’ Saira en haar oudere zus Ameena zijn in Amerika geboren en opgegroeid. Maar hun ouders komen uit het India en Pakistan van voor en vlak na het Engelse kolonialisme. Zij voeden hun dochters streng naar hun cultuur op, met het script van hun leven al geschreven. Ameena volgt dit uitgelegde pad braaf, maar Saira weigert zich bij haar ouders wensen neer te leggen. Ze wil haar eigen toekomst kunnen bepalen!
De hand van mijn moeder van Nafisa Haji, zelf Amerikaanse van Indo-Pakistaanse afkomst, beschrijft Saira’s leven. Haar zoektocht als kind naar uitwegen, haar gevecht om vrij te komen tijdens haar puberteit. En als laatste haar definitieve uitbraak van de beklemmende familiebanden. Het mengen van twee culturen, tot een volledig nieuwe.
Gedetailleerd
Het verhaal geeft een kijkje in het leven van een kind met een hele andere culturele achtergrond. Het is zo gedetailleerd geschreven dat je niet alleen met Saira mee begint te leven, je loopt als het ware met haar door haar leven. Niet alleen huil je wanneer zij huilt, lach je wanneer zij lacht, maar je slaat een arm om haar heen wanneer ze zucht en denkt wanneer zij piekert. Maar Saira is gecompliceerd. Net als je denkt haar volledig door te hebben, verrast ze je opnieuw met haar keuzes. Haar ouders bezorgt ze zelfs meerdere keren bijna een zenuwinzinking.
In het verhaal verbaast Saira zich over haar eigen moed. Ze wil wel vrij zijn, maar is bang iedereen van wie ze houdt kwijt te raken. Schrijfster Nafisa Haji vertelt deze tweestrijd, tussen Saira’s vrijheid en haar liefde voor haar familie, op een zeer bijzondere manier. Het verhaal ligt je niet zo zwaar op de maag dat het langdradig wordt, maar is ook niet zo luchtig dat het onbelangrijk lijkt. Saira is wie ze is, niet meer en niets minder.
Ontroerend
Saira’s gevecht is bewonderenswaardig. Veel kinderen zetten hun strijd voor vrijheid uiteindelijk toch niet door en deze puber doet dat wel, ten overstaan van haar hele familie. Maar het meisje is ook ontroerend, omdat ze toch elke keer twijfelt aan zichzelf. De hand van mijn moeder vertelt een bijzonder verhaal en leest heerlijk weg. Het overdondert je niet met een lawine aan wrok jegens een andere cultuur, het laat je achter met het gevoel dat je kinderen met twee culturen beter kan begrijpen. ‘De grootste waarheden kunnen in fictie schuil gaan.’
De hand van mijn moeder
Nafisa Haji
Paperback
ISBN: 9789022552957
300 pagina’s

dinsdag 9 november 2010

Pakistan hielp ons, maar wij hen niet 245/365

In 1953 werd Nederland overvallen door het water. We dachten veilig te zijn achter onze dijken, maar het water bleek sterker en veel gevaarlijker dan we hadden ingeschat. Nu wordt Pakistan overvallen door hetzelfde element dat in Nederland destijds 1835 levens eiste en Nederland keert het de rug toe.

De ‘Wilders-mentaliteit’ wordt steeds erger lijkt het. Men doneert niet aan Pakistan omdat het geld toch direct naar de Taliban zou gaan ‘die het lachend zal ontvangen’. ‘Nederland en Amerika sponsoren de Taliban’. ‘Ze steken de kratten waar USAID en EUAID op staan toch meteen in de fik of ze verdraaien het zo dat zij de grote helden lijken’. Dit zijn enkele van de reacties van Nederlanders die weigeren te geven aan Pakistan. Het trof dus ook veel mensen toen bleek dat Pakistan wel doneerde aan Nederland tijdens onze Watersnoodramp in 1953. Omgerekend tien miljoen gulden werd er ingezameld onder de Nederlanders en Engelsen die toen nog in Pakistan zaten, en de Pakistani zelf schonken tweeduizend kilo thee. Dat klinkt misschien een beetje vreemd. Het halve land is overspoeld door water en je stuurt thee. Wat moet je daar mee, het mengen met het water en alles massaal opdrinken? Thee was in 1953 een drank die door veel Nederlanders werd gedronken en de thee uit Pakistan en China was vaak zelfs nog een luxeproduct omdat het hier om ‘specialere’ soorten thee ging. Bovendien ging het in die tijd met Pakistan beter dan nu in 2010 maar dat was het kostbaarste dat Pakistan op dat moment had, thee was dat waarmee Pakistan handel voerde met de rest van de wereld. Het feit dat ze daar tweeduizend kilo van stuurden was een enorm bedrag voor de Pakistani. Dat wij hen nu in de steek laten omdat het een islamitisch land is, is gewoon barbaars!

In Pakistan zijn er op 26 oktober ruim 20,3 miljoen mensen getroffen door de overstroomde rivieren, en meer dan 2000 doden waarvan men daadwerkelijk weet. Bovendien wordt het land geteisterd door honger en ziektes als cholera. Deze watersnoodramp, ontstaan door een aanhoudende moesson en ernstig noodweer, begon op 3 augustus. Het is dus zeker dat er meer slachtoffers gaan vallen omdat men slecht bereikt kan worden door het water, en de smalle landstroken waar hele stammen bij elkaar gekropen zijn. Deze mensen hadden al weinig, nu hebben ze niks meer. Geen huizen, geen vee, geen landbouwgrond, soms zelfs geen familie meer.

Ooh, en voor de sceptici die denken dat al het geld en de pakketten meteen door de Taliban worden ingepikt; de meest getroffen gebieden zijn Punjab en Sind, de Taliban is sterk vertegenwoordigd in de Swatvallei. En die is aan de andere kant van Pakistan!

‘‘Amerika is niet nalatig maar realistisch’’ 244/365

Amerika wordt nalatig gedrag verweten bij de ramp in Pakistan, de steun die ge¬boden wordt zou enkel op militair gebied zijn en dat is iets waar de bevolking van de getroffen gebieden nauwelijks op zit te wachten. Daarnaast hebben ze in ver¬houding maar weinig geld naar Haïti ges-tuurd maar wel een troepenmacht om de orde te herstellen. Een troepenmacht die na enkele weken alweer teruggetrokken werd.

Tekst: Linda Leestemaker

Volgens Amerikanist Frans Verhagen valt Amerika niks te verwijten als het gaat om de hulpverlen-ing jegens andere landen. De houding van de VS is niet terughoudend, en hoewel de Amerikaanse overheid minder geld doneerde dan andere landen steunen ze landen door vliegtuigen en boten te sturen. Ook manschappen en voedsel¬hulp worden ingezet, vaak bewaakt met behulp van het leger zodat de verdeling zo eerlijk mogelijk is. Met deze methode wordt voorkomen dat het geld voor hulp in de zaken van corrupte politici verdwijnt. In Haïti werd Amerika verweten dat ze de gestuurde militairen, die daar waren om de orde te herstellen, te snel hebben terug getrokken. “Als Amerika troepen stuurt geeft dat altijd prob¬lemen omdat de VS dan verweten wordt dat ze er een ‘nieuw-Amerika’ van willen maken”, aldus Verhagen.

Rampgebieden
Haïti en Pakistan worden door de Verenigde Staten zoveel gesteund als kan, maar in Haïti is dit een moeizaam proces en dat is niet omdat de VS te weinig aanbiedt. “Haïti is altijd al een gede-sorganiseerd land geweest. Dat er een jaar na de ramp nog ruim anderhalf miljoen mensen in tenten leven ligt meer aan de Haïti zelf, dan aan de hulpverlening. Ook Nederlandse hulpverleners zeggen dat het bijna onmogelijk is de mensen volledig te helpen, of om ze zelfs maar te bereiken.” Dat de hulpver¬lening in Pakistan pas zo laat kwam, komt volgens Verhagen doordat er geen sprake is van grootscha¬lige communicatie tussen de getroffen gebieden, de Pakistaanse overheid en de rest van de wereld.

Dat Pakistan een islamitisch land is heeft er niks mee te maken. “Pakistan is een belangrijke bond-genoot in de strijd tegen het terrorisme, en het is een land met een zekere vorm van democratie. Dat het islamitisch is interesseert de VS niet.”


Eigenbelang
Verhagen zegt er wel bij dat Amerika bij het bieden van hulp wel aan het eigenbelang denkt. “Amerika is een realistisch en opportunistisch land. Ze had¬den na de aanslagen op 9/11 ook weer terug kun¬nen gaan naar het isolationisme, waar de Tea-Par¬ty voor pleit, maar dat deden ze niet want het zou hen niks opleveren.” Als Amerika aan iemand hulp verleent wordt daar dus iets voor terugverwacht. Het buitenland en de hulpbehoevende landen zijn sinds de komst van Obama toegeeflijker geworden wat betreft het leveren van wederdiensten. Volgens Verhagen is de houding tegenover Ameri¬ka versoepeld en vriendelijker geworden omdat men meer vertrouwen heeft in Obama, zelfs de Arabische wereld. “Het gaat hier puur om het vertrouwen in één man, Obama, want aan het algemene buitenlandbeleid kan een president eigenlijk weinig veranderen.” Hulp wordt dus niet meer principieel geweigerd door landen in de Arabische wereld en de (oud)communistische landen omdat er iets tegenover moet staan. “Van Pakistan verwacht de VS dat het helpt in de strijd tegen het terrorisme. Tijdens de ambtstermijn van George W. Bush weigerde Pakistan, en de rest van de Arabische wereld, dit soort hulp structureel. Bij Obama gebeurt dit niet en wordt hulp wel geac¬cepteerd, en soms zelfs gevraagd.”

Oriëntatieweek dag 1 243/365

Vandaag de eerste dag van de oriëntatieweek. De start van vandaag maakte het vroege opstaan helemaal goed.

Er was door het FBO (de o-zo-‘geliefde’ organisator binnen de school) tegen de leraar gezegd dat hij twintig leerlingen zou krijgen, en vanochtend kreeg hij ineens een lijst met 48 deelnemers op zijn bureau. Dat was even schrikken, want het gereserveerde lokaal was veel te klein voor zoveel leerlingen. We konden er wel allemaal de humor van inzien, ook de leraar (gelukkig).
Het FBO wist niet echt hoe ze met de situatie om moest gaan dus werden we uiteindelijk overgeplaatst naar een ander lokaal. mijn leraar bekende later dat hij ons liever had opgesplitst en een andere groep een andere leraar had gekregen, maar helaas pindakaas.

De opdracht voor deze week: maak een tijdschrift over een aspect van het Amerikaanse buitenlandbeleid. Mijn groepje heeft als onderwerp de bijdrage van Amerika bij rampen als in Haïti en Pakistan. Ik moet als bijdrage een interview houden en een column schrijven. Leuk!! (dat was serieus)

Ooh, en dat antropologie tentamen heb ik gewoon even lekker gehaald!!