Posts tonen met het label recensie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label recensie. Alle posts tonen

donderdag 12 januari 2012

The Iron Lady is niet om mee te sollen

“Sink it!” De standvastige blik waarmee dit bevel tot een oorlog zal leiden is bijna beangstigend. Je houdt de adem bijna in, het witte doek zuigt alle aandacht naar zich toe. The Iron Lady strikes again!
“This bright young woman is on his tail!” Margaret Thatcher laat zich niet uit het veld slaan als ze haar eerste verkiezing verliest. Zoals zij jarenlang doorging, gaat Meryl Streep ook al vele jaren mee in het filmvak, met deze rol heeft ze de oeuvre prijs van het Berlinale International Film Festival in de wacht gesleept. Het leven van Margaret Thatcher, de eerste vrouwelijke premier van Engeland (en West-Europa) was in de werkelijkheid hard en rechtdoorzee, en in The Iron Lady is ze precies zo vertolkt.
Harnas
Margaret Thatcher (Meryl Streep) is een oude vrouw als ze besluit alle spullen van haar overleden echtgenoot Denis (Jim Broadbent) besluit op te ruimen. Langzaam begint the Iron Lady af te takelen, en ze wordt steeds meer betutteld in het huis waar ze woont. Denis is al jaren dood maar hij blijft in haar verbeelding bij haar. Zijn oude spullen brengen ook herinneringen uit Margaret’s jaren als politicus terug. Af en toe zijn de flashbacks voor Margaret zelfs zo levendig dat ze het verschil tussen werkelijkheid en herinnering niet lijkt te kunnen maken. Maar de oude dame is een taaie, langzaam ziet ze haar hele leven opnieuw aan zich voorbij gaan, met alle hoogte- en dieptepunten. Maar ze laat zich niet uit het harnas jagen, hoe oud ze ook mag zijn.
Gezichtsuitdrukkingen
“None of these men have the guts!” The Iron Lady is de bijnaam die de Sovjet-Unie haar, bijna liefkozend, toereikte in 1976. De bijnaam siert niet alleen de geharde politica, maar ook actrice Meryl Streep. Ze speelt haar rol met volle overgave. De prestatie die Streep levert hapert geen seconde bij het perfect vormgeven van Thatchers autoriteit en obsessie voor politiek. Maar als je The Devil Wears Prada hebt gezien zijn er enkele gezichtsuitdrukkingen die Streep vaak gebruikt die je erg bekend voorkomen. Hierdoor lijkt het af en toe alsof je naar Miranda Priestly zit te kijken in plaats van naar Margaret Thatcher. Denis Thatcher wordt neergezet als een man die constant bezig was zijn vrouw zo nu en dan plezier te laten hebben. Hij is niet overmatig aanwezig, maar houdt de film met zijn grapjes luchtig. Op het moment dat je echter aan de kwaliteiten van de rol gaat twijfelen (wordt hij nooit gek van zijn ambitieuze vrouw?) barst ook bij hem de bom; “Me, and the children, we can all go to hell!”
Streep neemt de rol van de middelbare en oude Thatcher op zich, maar Alexandra Roach speelt de jonge Thatcher. De felheid die Streep haar karakter geeft, ontbreekt bij Roach. De jonge Thatcher lijkt verlegen, en zelfs een beetje onnozel en naïef. Hierdoor lopen de jonge en de oude Thatcher maar moeilijk in elkaar over, en kun je bijna niet geloven dat het hier om dezelfde vrouw gaat.
Fish and chips
In The Iron Lady worden geen spectaculaire special-effects gebruikt. Er zijn geen buitengewone decors, en de opstanden die getoond worden zijn oude media-opnames. Maar juist dat, samen met de buitengewone acteurs, maakt de film zo realistisch en zo meeslepend. Je krijgt medelijden met de bejaarde Margaret, die helemaal niet vertroeteld wil worden. Je vecht mee met de middelbare Margaret als iedereen haar van haar plek wil stoten. En je ben blij voor de jonge Margaret als Denis haar tijdens een hapje fish and chips ten huwelijk vraagt.
“We do not negotiate with terrorists and thugs!” The Iron Lady strijdt voor haar idealen. En Meryl Streeps acteerprestaties brengen dit overtuigend over. In je hoofd strijdt je met haar mee. Of je het nou met haar politieke ideeën eens bent of niet. Thatcher blijft je bij, ook al zijn er geen scènes met grote explosies of zeer speciale landschappen. De film is niet spectaculair aangekleed en geeft daardoor Thatchers leven open en eerlijk weer.

dinsdag 6 december 2011

Een Nederlandse meester, maar vooral een briljante tekenaar

“Pas op met de tafels. Om de tekeningen te beschermen kan het alarm af gaan als u ze aanraakt. Schrik daar niet van.” Omringt door gele muren en twee kleine schilderijen, de Fluitspeler en een portret van de meester Abraham Bloemaert, staat een kleine houten tafel met het tekenboek dat Bloemaert opstelde om als lesboek dienst te doen.
Pronkstukken
In een thematische opstelling heeft het Centraal Museum Utrecht hun tentoonstelling van Bloemaert gepositioneerd. Geen chronologisch volgorde dit keer, maar twee zalen met Bloemaerts religieuze vertellingen, één met zijn mythische werken, de vierde met landschappen, en de laatste met door hem geschilderde portretten. Twee pronkstukken van de tentoonstelling zijn De Aanbidding van de Drie Koningen, geleend van het Grenoble in Frankrijk. Het schilderij is één van de grootste stukken uit het oeuvre van de Nederlandse meesterschilder. Daarnaast heeft het museum ook Vanitas (1600-1605) in de collectie hangen, het enige geschilderde stilleven uit Bloemaerts werken.
Stijl
Bloemaert heeft in zijn religieuze werken meerdere keren hetzelfde geschilderd, maar steeds weer in verschillende stijlen. Jezus is in alle schilderijen duidelijk te herkennen aan de bleke huidskleur die de schilder aan de Messias heeft toegekend. Ook was Bloemaert duidelijk bekend met de Griekse mythen en sagen. Wat opvallend is aan de stijl van Bloemaert is dat hij twee gebruiken in zijn mythische taferelen combineert; de Griekse traditie om mensen (en zeker halfgoden en goden) semi-naakt af te beelden, maar dan met de Europese traditie van het realisme, en de anatomische studies. Waar in de Griekse schilderijen uit de Oudheid vrouwen bijzonder kleine borsten en (zeer) brede heupen hebben, komt de anatomie binnen Bloemaerts werken bijzonder goed overeen met de werkelijkheid. In zijn landschappen gebruikte Bloemaert meer fantasie. Zo bracht hij altijd bergen aan op de achtergrond van de Utrechtse omgeving. Nu is goed bekend dat Nederland zo plat is als een pannenkoek en geen bergen heeft. De oude meester heeft deze traditie dan ook waarschijnlijk overgenomen van zijn tijd in Frankrijk, aldus de gids van het museum.
Tekenaar
“Kunsthistorici stellen dat Bloemaert een grotere tekenaar was dan schilder,” vertelt de gids verder. Vandaar dat zijn tekeningen als centraal punt in de zaal zijn tentoongesteld op kleine tafels, er is ook nog een aparte entresol aan gewijd. Tekeningen uit Bloemaerts ‘lesboek’ zijn vergroot en op de muren aangebracht, terwijl er met een filmpje door zijn beroemde boek wordt gebladerd en pagina’s worden uitgelicht. Bloemaerts tekeningen zijn zeer gedetailleerd, en vaak beter uitgevoerd dan het uiteindelijke schilderij. Zo staan in zijn landschapstekeningen vaak zeer gedetailleerde en prominente bomen, die in zijn landschapsschilderijen vaak niet terug komen. Ook bij mensen toont hij in de tekeningen veel meer details, zoals ouderdom, uitdrukkingen en emoties. Dit is bijvoorbeeld te zien bij de tekening Sint Engelmundus (1630 – 1645).
Middagje
Er is geen twijfel dat Abraham Bloemaert een briljante schilder was, en één van de grote Nederlandse meesters. Maar de tentoonstelling over de schilder is samen te vatten in de uitdrukking klein maar fijn. Het is niet bombastisch groot opgesteld, en juist prettig voor een middagje slecht weer. Wat de gids beweert over de tekenaar die Bloemaert was, wordt sterk naar voren gebracht door de opstelling van de tentoonstelling. De tekeningen hebben een veel prominentere rol daarin. En daardoor komen zijn schilderijen, vergeleken met de bijbehorende tekeningen, vaak wat simpel over.

zaterdag 26 november 2011

Monoloog; Gedachten van een vermoeide Schrijfster

Bron: Office Word
Shit, een stukje tikken! Helemaal vergeten. Waar zal ik het nu eens over doen… Die excursie met school naar de tentoonstelling van Bloemaert? Nee, daar schrijf ik al een recensie over… De radio? Maar ik had twee weken geleden al een column over muziek. Hmm… Waarover nou toch? De kat! Ooh nee, die heb ik niet… Jammer. Een kat zou nu echt een goede uitkomst zijn!
Pfff… De radio helpt vandaag ook niet echt, wat is dit eigenlijk voor nummer? “Feel what you want to feel, what you want to feel, what you want to feel…” Ja, ontzettend inspirerend! Het is pas 00:26 en ik sta echt op instorten joh, wat ben ik nou voor nep-student dat ik niet eens lekker aan het feesten ben ergens. Hihi, yeah right, alsof ik zo’n heftig feestbeest ben.
Hmm… Ja, dat zou ik als onderwerp voor een stukje kunnen gebruiken maar of het nou geschikt is voor deze keer? Ik weet het niet… Nee, toch niet. Volgende keer misschien. Als ik het wat beter heb kunnen overdenken. Dat moet ik niet te snel en overhaast tikken, dan komt het er helemaal niet meer goed uit. Maar wat nu dan? Ik kan echt helemaal niks bedenken joh. Echt stom. Neem ik me nog zo dapper voor om een wekelijkse column en een wekelijkse boekrecensie te gaan schrijven, heb ik mijn boek nog steeds niet uit en was ik helemaal vergeten dat het vandaag alweer vrijdag is. Waardeloos! Boekrecensie; dat is ook een goede… Welke boeken heb ik afgelopen tijd nog gelezen? Ooh, Alleen Op De Wereld. Die heb ik afgelopen week weer eens gelezen. Dat boek blijft zo mooi, daar kan ik wel iets over schrijven. Die heb ik afgelopen maandag nog uitgelezen dus dat is nog recent. En oude meesterwerken vergaan niet, dus dat kan ik hartstikke goed doen.
FOCUS! Stukje, stúkje, stukjé, nee dat werkt ook niet… Grrr, weet je… Vergeet het! Ik ga naar mijn bed, dit schiet toch niet op!
En dit beëindigt de monoloog van deze avond, genaamd ‘Gedachten van een vermoeide schrijfster’. Dames en heren, gewaardeerde lezers, we hopen dat u van de show genoten heeft. In de hal is nog een hapje en een drankje te halen, en we hopen u allen terug te zien bij onze volgende voorstelling. Rijd u allen veilig en wij wensen u nog een prettige avond.

dinsdag 22 november 2011

Het dagelijks leven in een sceptisch jasje

Het dagelijks leven is een chaos. Een gevecht met honderdduizend dingen die moeten worden gedaan of overwonnen. Computerproblemen, de grote schoonmaak, wintersport, goede doelen en kinderen, allemaal dingen waarover je je honderd keer per dag het hoofd kan breken (tenzij je geen kinderen hebt natuurlijk, dan valt er eentje af…).
Sylvia Witteman schrijft al jaren columns, inmiddels zelfs meerdere keren per week in de Volkskrant. Afgelopen week kwam haar nieuwe boek in de winkels te liggen, een vrolijke bundel van haar columns. En dit is tevens een mooi moment om een ‘gouwe ouwe’ van haar werk weer even een momentje in de spotlights te geven.
Prooi
Wat doe je als je computer crasht? Nou, je belt de helpdesk! “ ‘Mevrouw, heeft u de stekker in het stopcontact gedaan?’ ‘Nee, in een pak vla, is dat niet goed dan?’ “ Het hamstergedrag dat tijdens een grote schoonmaak ontstaat is ook overdraagbaar van generatie op generatie. En dan natuurlijk de brave Nederlandse bruiloft, die te ontkomen valt als je in het buitenland woont. Slechts een greep uit de onderwerpen die ten prooi zijn gevallen aan Witteman’s humoristische pen in Pekingeend bij Nacht (en andere pogingen tot Echt Heel Erg Gelukkig Worden).
Onderwerpen
Alledaagse situaties, waarin we onszelf herkennen vindt men vaak leuk, grappig en interessant. Het vergt weinig van je fantasie, maar Witteman weet het zo op te schrijven dat niet alleen haar huiskamer, maar ook je eigen voor je blikveld zweeft. Ondertussen wordt alles aangedikt en op de hak genomen, wat de humor er flink inpompt. Maar het verschil tussen Pekingeend bij Nacht en de meest recente columns van Witteman is groot. Haar stijl is veranderd, en haar oude stijl is wennen voor degenen die haar columns uit de Volkskrant kennen. Pekingeend bij Nacht is sceptischer en behandeld vaak zwaardere onderwerpen die dan op de hak worden genomen. Dit kan zo nu en dan wel eens in het verkeerde keelgat schieten bij de lezer.
Ergernis
Het mooie aan een bundel van columns is dat de verhalen kort zijn. Je kan er nu drie lezen, en de rest van de verhaaltjes over drie maanden. Hoewel de herkenbaarheid in de door Witteman beschreven situaties het lezen erg prettig maakt, is het wel een feit dat bijna elke handeling op de hak wordt genomen. Als sarcasme en sceptische humor niet jouw stijl is, zit je tot het de laatste pagina van Pekingeend bij Nacht vol ergernis je nagels af te kluiven. Is het wel jouw stijl? Dan rol je van het lachen over de grond.

Pekingeend bij Nacht (en ander pogingen tot Echt Heel Erg Gelukkig Worden)
Sylvia Witteman
Paperback
ISBN: 978904133670
239 pagina’s

donderdag 17 november 2011

Dure koffie, tv-quizes en twee ouwe mannen met een lijst

Je bent oud, ligt in een ziekenhuis en krijgt te horen dat je minder dan een jaar te leven hebt. Wat ga je doen? Nou, ten eerste ga je hopen dat je heel erg veel geld hebt, en ten tweede maak je een bucket list. Een lijst van alle dingen die je nog wilt doen voor die laatste dag.
Leven
Carter Chambers (Morgan Freeman) en Edward Cole (Jack Nicholson) zijn elkaars tegenpolen. Carter is een hardwerkende garagemonteur en familieman die ooit geschiedenisprofessor wilde worden. Edward is een schatrijke ziekenhuismagnaat die vier keer gescheiden is en zijn enige dochter nooit meer ziet. Het enige dat de twee mannen met elkaar gemeen hebben, is dat ze beide nog minder dan een jaar te leven hebben. Als de twee elkaar in hun ziekenhuiskamer aankijken na de diagnose besluit Edward ineens al zijn geld in te zetten om Carters bucket list te voltooien, als Edward tenminste ook inspraak in de lijst krijgt.
Evil grin
Het eerste contact tussen de mannen is stug. Edward is nogal arrogant, en eist graag de aandacht op. Je probeert het hard maar eigenlijk is er erg weinig vriendelijks aan hem, tot aan de laatste 30 minuten van de film. Edward doet ontzettend zijn best aardiger te worden, maar het is en blijft Jack Nicholson die de rol speelt. En de man heeft nu eenmaal een evil grin waar je U tegen zegt. Het is vrij lastig daar sympathie voor te vinden.
 Carter daarentegen is een knuffelbare oude man, die je het liefst als opa wilt hebben. Morgan Freeman loopt volledig met je weg. Overwicht aan Edward kan Carter niet altijd bieden, zo wordt hij gedoemd om te gaan skydiven. Maar de ouwe Freeman is zeker geen watje, die echt wel weet hoe hij het hoofd van zijn karakter boven water houdt ten overstaan van de dominante Nicholson. 
De twee mannen hebben ook ieder hun eigenaardigheden. Zo is Carter verslaafd aan het tv-programma Jeopardy! Een tv-quiz waarin geschiedkundige vragen worden gesteld. Hij kijkt het programma zelfs in bad! En Edward heeft zijn favoriete drankje Kopi Luwak (’s wereld duurste koffie. Het Britse warenhuis Harrods verkoopt deze koffie voor 300 pond per halve kilo!). Tegen het einde komt Carter met de schokkende waarheid over deze koffie, als een soort laatste wraak omdat Edward zijn belangstelling voor Jeopardy! belachelijk maakte in het begin van de film.
 Continuïteit
De film is een prachtig verhaal, op een hele bijzondere manier uitgewerkt. Het is namelijk niet allemaal zoetsappig, of diepzinnig maar ook geen comedy. Het enige wat er echt op aan te merken is, is de continuïteit. Iemand lag voortdurend te slapen op de set! Auto’s die tegen elkaar aanknallen en dan het volgende shot ineens geen schade meer hebben, papiertjes die verscheurd worden en tien minuten later weer volledig intact uit een zak worden gehaald. Maar focus als gewone kijker volledig op het verhaal, and you’ll be fine.
Bijblijven
Er zijn films die je altijd bijblijven. Ze zijn misschien niet heel erg goed, heel erg speciaal, of heel erg netjes en goed uitgewerkt maar er is iets in ze dat je raakt. The Bucket List is ook zo’n film. Het gaat over iets dat iedereen kan overkomen, namelijk ernstig ziek worden, wat toch tot iets moois afloopt. De dood is nooit leuk, maar als het dan toch gebeurt kun je er maar beter iets memorabels van maken.

maandag 14 november 2011

Ontkomen aan het script van je cultuur

Ouders en pubers botsen. Dat is een feit gelijk aan een natuurwet. Je wilt je eigen leven, zonder hun bemoeienis, leiden. Klinkt bekend hmm??  Maar hoe zet je je af als er een hele familie met een hele culturele traditie tegenover je staat?
Zoektocht
‘Als je het oude script zomaar weggooit, zul je veel tijd kwijt zijn aan het schrijven van een nieuw. Dat je iets aanpast, dat kan ik begrijpen. […] Het huwelijk is slechts een van de vele onderdelen van dat script, Saira.’ Saira en haar oudere zus Ameena zijn in Amerika geboren en opgegroeid. Maar hun ouders komen uit het India en Pakistan van voor en vlak na het Engelse kolonialisme. Zij voeden hun dochters streng naar hun cultuur op, met het script van hun leven al geschreven. Ameena volgt dit uitgelegde pad braaf, maar Saira weigert zich bij haar ouders wensen neer te leggen. Ze wil haar eigen toekomst kunnen bepalen!
De hand van mijn moeder van Nafisa Haji, zelf Amerikaanse van Indo-Pakistaanse afkomst, beschrijft Saira’s leven. Haar zoektocht als kind naar uitwegen, haar gevecht om vrij te komen tijdens haar puberteit. En als laatste haar definitieve uitbraak van de beklemmende familiebanden. Het mengen van twee culturen, tot een volledig nieuwe.
Gedetailleerd
Het verhaal geeft een kijkje in het leven van een kind met een hele andere culturele achtergrond. Het is zo gedetailleerd geschreven dat je niet alleen met Saira mee begint te leven, je loopt als het ware met haar door haar leven. Niet alleen huil je wanneer zij huilt, lach je wanneer zij lacht, maar je slaat een arm om haar heen wanneer ze zucht en denkt wanneer zij piekert. Maar Saira is gecompliceerd. Net als je denkt haar volledig door te hebben, verrast ze je opnieuw met haar keuzes. Haar ouders bezorgt ze zelfs meerdere keren bijna een zenuwinzinking.
In het verhaal verbaast Saira zich over haar eigen moed. Ze wil wel vrij zijn, maar is bang iedereen van wie ze houdt kwijt te raken. Schrijfster Nafisa Haji vertelt deze tweestrijd, tussen Saira’s vrijheid en haar liefde voor haar familie, op een zeer bijzondere manier. Het verhaal ligt je niet zo zwaar op de maag dat het langdradig wordt, maar is ook niet zo luchtig dat het onbelangrijk lijkt. Saira is wie ze is, niet meer en niets minder.
Ontroerend
Saira’s gevecht is bewonderenswaardig. Veel kinderen zetten hun strijd voor vrijheid uiteindelijk toch niet door en deze puber doet dat wel, ten overstaan van haar hele familie. Maar het meisje is ook ontroerend, omdat ze toch elke keer twijfelt aan zichzelf. De hand van mijn moeder vertelt een bijzonder verhaal en leest heerlijk weg. Het overdondert je niet met een lawine aan wrok jegens een andere cultuur, het laat je achter met het gevoel dat je kinderen met twee culturen beter kan begrijpen. ‘De grootste waarheden kunnen in fictie schuil gaan.’
De hand van mijn moeder
Nafisa Haji
Paperback
ISBN: 9789022552957
300 pagina’s

maandag 7 november 2011

Leuk tijdverdrijf, maar niet voor waardevolle rugzakruimte

Verdwaald in de bossen van Sri Lanka, rockend in de woestijn, verstopt in verborgen tuinen in Palestina en levensbedreigende ziektes oplopen in Equatoriaal-Guinea. Niets is de lezers van Lonely Planet te gek.

Verschillend
Het beroemde reismagazine vroeg zijn lezers  en redacteuren hun reisverhalen over ‘the middle of nowhere’ op te sturen, de beste verhalen werden gebundeld in een boek. 32 korte reisreportages in 309 pagina’s. Veel verhalen zijn door de vaste redacteuren geschreven, wat te merken is aan de kwaliteit ervan, maar sommige komen van de hand van lezers. Hierdoor verschillen de verhalen onderling tot op immense hoogte. Kort, bondig, amusant, serieus, diepzinnig of luchtig, ieder heeft zijn eigen manier van vertellen, zijn eigen metaforen en zijn eigen taalgebruik. Door de verschillende schrijfstijlen leest het boek lekker weg, en kan het voor langere tijd gelezen worden. Elke keer staat je een nieuwe verassing te wachten. De ene schrijver maakt er meer een sfeerverhaal van, de ander juist meer een achtergrondverhaal, en de derde mixt het geheel tot een volledige mini-reportage. Maar allen nemen ze je mee naar een wereld ver bij Nederland vandaan.

Rugzakruimte
Maar hoe leuk de verhalen ook zijn, dat wil niet zeggen of het boek goed of slecht is. Van hier naar nergens met Lonely Planet is een leuk boek voor als je een kwartiertje over hebt in de trein, maar het is geen drama als je het niet hebt gelezen. De verhalen zijn allemaal net iets te kort om diepzinnige reportages te worden, en nergens zit beeldmateriaal bij. Vooral dit laatste is een groot gemis. Hoewel veel schrijvers erg goed zijn in ‘don’t tell, show!’. Het is materiaal voor een vaste rubriek in het tijdschrift, en het is leuk tijdverdrijf. Maar vul er geen waardevolle rugzakruimte mee op als je toch eens op weg bent naar ‘nowhere’.
Van hier naar nergens met Lonely Planet
Don George
Paperback
ISBN: 9789022549094
320 pagina’s

dinsdag 11 oktober 2011

Storm, de Kerk en de terugkeer van Jezus?


Bliksemschichten, een man met doorboorde handen en voeten en de meest down-to-earth ‘wonder-onderzoeker’ die het Vaticaan maar heeft. En dit alles in het piepkleine, nietszeggende dorpje Graiguenamanagh. “Een naam die bij bezoekers zonder kennis van het Iers tot poliepen op de tong en keel leidt.” Een geweldige setting voor een thriller over de terugkeer van de messias Jezus Christus, zo lijkt auteur Ralf Isau te hebben gedacht toen hij de thriller in 2008 schreef. De Duitse Isau was toen al bijna tien jaar één van de best verkopende schrijvers in Duitsland. In Nederland verscheen één keer eerder een boek van zijn hand, De Duisteren (2009). En nu ligt De Messias in de winkels.
Oplichterij
De Messias vertelt het verhaal van Seamus Whelan en Hester McAteer. Als op een dag in het kerkje van Graiguenamanagh een jongen met doorboorde handen en voeten en een doornenkrans op zijn hoofd voor de voeten van Whelan (een zonderlinge 103 jaar oude timmerman) en de lokale priester neervalt, lijkt het erop dat Jezus Christus is teruggekomen op aarde. Het Vaticaan is stomverbaasd dat dit in zo’n onbeduidend dorpje gebeurt en ze sturen McAteer erop af. Hester McAteer onderzoekt voor het Vaticaan de echtheid van wonderen, maar gelooft er zelf niet in. “Wat de mensen de afgelopen negentienhonderd jaar als wonderen verkocht is, kan in twee rubrieken worden ingedeeld: oplichterij die ik kan ontmaskeren, en oplichterij waar ik niet tegenop kan.” Is er echt sprake van de terugkeer van Jezus? Of is dit het beste staaltje oplichterij dat Hester in zijn hele loopbaan heeft gezien?
Zuurpruim
Je aandacht laten verslappen is er niet bij! Hoewel je vanaf pagina één met de zonderlinge Seamus wegloopt, duurt het even voor Hester ontdooit. De sceptische zuurpruim uit het Vaticaan komt in de eerste honderd pagina’s over als een vastgeroeste knorrige oude geleerde, die liever sterft dan dat hij zijn mening aanpast. Hierdoor wil je hem eigenlijk in het boek overslaan, maar dat gaat niet als je het verhaal nog wilt volgen. Maar je aandacht wordt hier snel van afgeleidt door de ingewikkelde wirwar van verhaallijnen. De rode draad is Hesters onderzoek naar Jeshua (Jezus), maar daardoorheen loopt de moeizame relatie tussen Hester en Seamus.
Isau zuigt je in het verhaal, zoals je enkels vastgezogen kunnen worden in de modder van de Ierse rivieren. Je wilt oprecht weten of Jeshua de boel bedriegt (en dus ’s werelds beste toneelspeler is) of dat hij echt de teruggekeerde Jezus Christus is. Maar je gaat eigenlijk ook heel erg met de jongen meeleven, hij wordt immers achtervolgd door gelovigen, de Kerk en ramptoeristen. Je nieuwsgierigheid wordt door het hele boek geprikkeld als de situaties zich steeds verder opstapelen. Ook Hester ontdooit langzaam voor de lezer, waardoor hij meteen een stuk interessanter wordt, Seamus wordt zelfs nog een tikje mysterieuzer en dan is er ineens die vreemde Slavische franciscaner-monnik met de baard en de lichtblauwe ogen…

Messias

Ralf Isau

Paperback

ISBN: 9789028424128

304 pagina's