Posts tonen met het label middelbare school. Alle posts tonen
Posts tonen met het label middelbare school. Alle posts tonen

vrijdag 18 november 2011

De gek die een ets meenam voor een presentatie...

“Wie wil volgende week als eerste presenteren. Over Rembrandt?” De leraar keek zo hoopvol de klas in. Ach, dan ben ik er maar vanaf. Neutraal steek ik mijn hand op, samen met nog vijf anderen. “Geweldig! Ik mail jullie de opdracht, en hoop dat jullie er iets moois van maken!” Ja ja, alsof we niet allemaal weten hoe zo’n eerste presentatie gaat. Hakkelig, moeizaam, en dan krijg je een enorme lading kritiek van de leraar aan het einde.
Maar goed, de werken van Rembrandt. Daar moeten we maar even doorheen om de vraag of Rembrandt typerend voor de Nederlandse identiteit is te beantwoorden. En terwijl we met z’n vijven op school om de tafel zitten tijdens een brainstormsessie glijden mijn gedachten af, terug naar de lessen kunstgeschiedenis van die oorlogszuchtige tekenleraar op de middelbare school. Hij noemde Rembrandt de “Meester van de Nederlandse kunst”. Een genie, een briljante schilder. Maar technisch gezien was ‘schilder’ in de 17de eeuw een doodnormaal beroep waar scholen voor waren. Stijlen (ook die Rembrandt gebruikte) bestonden al generaties lang en werden hoogstens per leerling iets veranderd. Hoe kun je iemand als “briljant meester” bestempelen als hij gewoon die oude technieken van nog oudere ‘meesters’ combineert? Vanwege deze redenering in mijn hoofd sloot ik me vanaf die les praktisch volledig af voor mijn leraar. Zelfs het uitzicht op het schoolplein vond ik interessanter dan zijn lessen.
“Dus, welk werk gaan we tonen?” Ik schiet terug naar de hal op school en staar naar mijn groepsgenoten. Ze kijken bedenkelijk. “Het is jammer dat we geen echte Rembrandt kunnen tonen, dat zou wel ontzettend cool zijn!” Ze grinniken maar ik frons. En dan doe ik het aanbod waarvan ik me gisteren nog had voorgenomen het niet te doen. “Nou… dat zou best kunnen. Geen schilderij, maar er is een ets van Rembrandt in mijn familie, misschien mogen we die lenen?” Ze staren me aan alsof ik gek ben, en eigenlijk hebben ze gelijk. Wie neemt er nou een echte Rembrandt (ets of schilderij) mee naar school? Maar ik heb het aanbod aangereikt en binnen een minuut hapt de eerste toe, als vissen naar een stukje brood aan een haak. Dus fiets ik door de kou, en grom ik woest dat ik in de spits in de trein zit met een schilderij in mijn tas die zorgt dat die niet meer dicht kan. Maar, en dat maakt het toch even waard, de leraar is omver geblazen door het feit dat we “een echte” hebben in de presentatie. Bijna kwijlend staat hij ernaar te kijken, me honderden vragen erover stellend die ik niet kan beantwoorden.
De schilderkunst en ik. Wij hebben nooit echt met elkaar door een deur gekund. Gebrek aan interesse aan mijn kant, gebrek aan herkenning in de schilderijen. Wie zou het weten? Maar de liefde is nu nog bekoelder dan anders.

zaterdag 5 november 2011

De beschaafde cultuurbarbaar

“Maar beste! Rembrandt is toch niet te vergelijken met Michelangelo! De volksheid van Rembrandt’s schilderijen, dat is nou de Nederlandse cultuur.” Met een opgetrokken wenkbrauw kijk ik over de rand van mijn boek. Wat? Hoe ben ik nou weer tussen deze discussie belandt? De twee dames staan voor de boekenkast tegenover me. Zou ik ze om stilte manen, het is immers een bibliotheek? Hoewel… Ik kijk naar de hooggehakte schoenen. Ik denk dat die dodelijk zijn, dus laat maar zitten. Stiekem bekijk ik de vrouwen verder, één van hen houdt Grunberg’s Tirza als een soort schild omhoog. Maar wat heeft ze daarachter verstopt? Met moeite kan ik de tekst op de band van het boek lezen. Stout van Heleen van Rooijen. HA! Betrapt! Beschaafd tot de voordeur! Nu zit ik zelf met Harry Potter in mijn hand hoor, maar ik probeer het niet te verstoppen.
Cultureel, beschaafd, opgevoed. Het zijn van die betekenisloze woorden geworden. Wil je ze nog mogen toepassen, dan moet je in een soort perfect keurslijf passen van wat andere mensen opvatten als cultuur. Maar wie vertelt mij waarom het één wel cultureel gewicht draagt, en het ander niet? Zo had ik een muziekleraar op de middelbare school die een vriendin van mij ooit een onvoldoende gaf omdat ze Eminem leuker vond dan Mozart. Hij gaf haar geen onvoldoende omdat ze haar keuze niet goed had beargumenteerd. Nee, hij gaf haar het gehate cijfer omdat Mozart cultureel was, en daarom beter! Mijn kunstgeschiedenis/tekenleraar van een paar jaar later probeerde ons in zo’n zelfde keurslijf te proppen. Kunst was kunst, en al het andere was troep, zo vond hij. De manier waarop ik schilderde, met veel kleuren en lekker eigenwijs, vond hij echt niet kunnen en daarom hebben de man en ik een jaar lang een puur psychische oorlogvoering gehouden. Maar wat hij ons leerde ging niet over modernere kunstenaars, nee alleen over de ‘culturele klassiekers’.
Ik ben dat keurslijf zat! Wat is er mis met grappig? Met vernieuwend? Dat stoffige schud ik van me af en ik sta tegenover de wereld met open armen. Kom maar op, overdonder me maar met kleur, geluid en tekst. Ik ben er klaar voor. IK ben de beschaafde cultuurbarbaar!

zaterdag 9 oktober 2010

Meelopers 219/365

‘Zij is zo’n meeloper!’ Het ergste naast pesten, een meeloper genoemd worden. En het woord meeloper wordt zo vaak gebruikt…

Meelopers zijn degene die de populaire ‘crowd’ kopiëren. Kledingstijl, muzieksmaak, taalgebruik, niets is meer van jezelf afkomstig. Maar niemand geeft ooit toe een meerloper te zijn. ‘Ik ben geen meeloper! Ik vind deze muziek gewoon ook leuk.’ Ik ken maar één iemand die eerlijk toegaf een meeloper te zijn (na een confrontatie erover), ook al ging ze voor populariteit wel met de verkeerde mensen om.
Meelopers zijn meestal onzeker, en blijven daarom bij een groep hangen die zelfverzekerd en stoer overkomt. Maar welke jongere/puber/semi-volwassene is nou niet onzeker? Allemaal toch wel?

Ik geef het eerlijk toe, ik was in groep 8 en de 1ste klas een ontzettende meeloper en wilde me er vanaf de 2de vanaf zetten. Ik wilde mezelf zijn en niet iemand die van me verwacht werd!
Nog altijd ben ik gevoelig voor opmerkingen van anderen, ik wil niet belachelijk zijn of uitgelachen worden maar ik probeer me er niets van aan te trekken.

Iedereen trekt zich iets aan van anderen, of ze er ook iets mee doen (met die opmerkingen) is iets heel anders.

woensdag 6 oktober 2010

Gekozen 203/365

Elke dag worden er mensen gekozen. Mensen van alle leeftijden en overal ter wereld.

Als kind op de basisschool wordt je uitgekozen om iets voor te lezen, iets uit te delen, voor de klassendienst of om een plant of huisdier mee naar huis te nemen in de vakantie. Op de middelbare school is het echt niet anders. Het beantwoorden van een vraag, het organiseren van een klassenfeestje, het ronddelen van papierwerk of het doorsturen van een email.

Naïef genoeg hoopte ik dat het op de universiteit/HBO eindelijk anders zou zijn. Maar het was inderdaad naïef want het is opnieuw niet anders. Je wordt gekozen als jouw opdracht door de hele klas wordt nagekeken en als voorbeeld dient, of je wordt gekozen als klassenvertegenwoordiger. Persoonlijk heb ik er altijd een hekel aan gehad om ‘gekozen’ te worden. Iedereen kijk naar je, je bent een schietschijf voor grappen en uitlachen en alles wordt op jou afgeschoven. Vooral het hele ‘wie wordt de klassenvertegenwoordiger’ dilemma heerst nogal in onze klas want niemand wil klassenvertegenwoordiger zijn.

Nu weet ik me meestal wel te verstoppen als er iemand moet worden uitgekozen maar af en toe kun je er echt niet onderuit. Want je cijfer wordt ineens ook bepaald doormiddel van ‘deelname tijdens het college’. Gevolg is dat je je wel moet laten kiezen. School, uch…

vrijdag 2 juli 2010

Diploma-uitreiking 122/365

Vandaag was de diploma uitreiking van de eindexamenleerlingen van dit jaar. Tijd om weer eens op bezoek te gaan.

Veel van mijn vrienden deden dit jaar eindexamen dus ik dacht dat het wel leuk zou zijn om hen nu ook te zien terwijl ze dat felbegeerde papiertje in ontvangst namen. En dat is een heel felbegeerd papiertje. Want met dat A4-tje kun je eindelijk vaarwel zeggen tegen de middelbare school en iets gaan doen dat je (hopelijk) wel leuk vindt!

Genoeg reden dus om er je best voor te doen. Vandaag was het helaas ook 27 graden buiten en ik was lichtelijk te laat vertrokken… zoals gewoonlijk dus. Nou ja, uiteindelijk kwam ik daar nog net op tijd aan om alles te zien, mijn vriendinnen het podium te zien betreden en dat papier tekenen. Allemaal mooi, en daarna natuurlijk met z’n allen een ijsje halen want we waren bezig te smelten van de hitte buiten. Op het schoolplein van het Montessori Lyceum Amsterdam valt namelijk op het midden van de dag de zon zo dat er amper schaduw is op het plein. En dan sta je daar, te praten, te lopen, tussen nog ruim vijftig of misschien wel honderd andere mensen, op steen, zonder schaduw en zonder enorme flessen water. Voeg hier een aantal oververhitte jongeren aan toe met de meeste ervan net iets te lange mouwen of broekspijpen en dan begrijp je hoe warm wij het hadden.

Het ijsje erna was dus heel erg welkom. Ik ben benieuwd hoe hen het eerste jaar als studenten gaat bevallen (ik hoop beter dan dat het mij beviel, dat zou niet zo best zijn…).

vrijdag 28 mei 2010

Brandoefening 87/365

Je bent rustig aan het werken, dingen aan het bespreken, aan het stressen over een deadline van een extra opdracht, als ineens het brandalarm gaat. Iedereen het gebouw uit!!

Op de basisschool hadden we minstens twee keer per jaar een brandoefening. Één keer aangekondigd, en één keer onverwachts. We moesten altijd al onze spullen achterlaten in de klas maar kregen daarna altijd een extra lange pauze. Op de middelbare school heb ik het in vijf jaar tijd maar één keer hoeven doen. En eigenlijk was er maar heel weinig aan want uiteindelijk gingen we niet naar het verplichte verzamelpunt als er echt brand zou zijn. Dat vond de school ‘teveel moeite en teveel tijd kosten’. Bovendien ging het alarm zo vaak af dat we het meestal negeerden. Als er een keer echt brand was geweest waren we waarschijnlijk allemaal verbrand…

Vandaag hadden we het niet verwacht, zelfs onze lerares wist van niks en wilde daarom dat we zo snel mogelijk allemaal meededen. Ze was een klein beetje nerveus dat het echt zou zijn, alsof dat niet meteen zou worden omgeroepen. Het was wel grappig om een keer mee te maken, ik had me namelijk vorige week al een keer afgevraagd of ze op mijn opleiding aan brandoefeningen deden. Mijn moeder had me een tijdje geleden verteld dat toen ze op de universiteit waar zij zat (ze ging pas studeren op haar 40ste dus dat is nog niet zo heel lang geleden) een keer brandoefening hadden en ze later een preek kregen dat ze niet hadden meegedaan. Wat bleek? Het brandalarm was in die uithoek van het gebouw helemaal niet te horen. Lijkt me redelijk belangrijk om dat ook weer te weten als schoolleiding maar dat zal wel aan mij liggen… Toen we eindelijk weer naar binnen mochten, na twintig minuten buiten te hebben moeten wachten, rook er trouwens wel iets lichtelijk gefrituurd binnen. Maar dat kan ook mijn fantasie geweest zijn.

Ik vind brandoefening iets belangrijks om eens per jaar te doen, maar zouden ze volgende keer een zonnigere dag kunnen kiezen? Die twintig minuten buiten wachten waren namelijk nogal koud…